Home Film Vondsten Actueel Eemster Vermaning APAN/EXTERN Contact Links
HET TEAM 'VALSHEID IN GESTEENTE'
EEN 'STONEHENGE' IN NEDERLAND
naar het begin van de pagina

EEN 'VERS' IN SITU KAMPEMENT (1965) UIT HET MIDDEN PALEOLITHICUM VERSUS EEN WINDLAK-KAMPEMENT (2008 - HEDEN) ZONDER IN SITU, OOK UIT HET MIDDEN PALEOLIHICUM.

Vanaf 1975 is dit al gaande. Dat jaar was een mijlpaal met de start van de verloochening van de opgravingen van Hoogersmilde A/B en Hijken. Met de arrestatie van Tjerk Vermaning en daarop volgend drie rechtszaken, was er een weg ingeslagen waarop terugkeren onmogelijk was geworden. De wetenschap bijt zich in deze zaak vast als een pitbull, ze kunnen niet loslaten. Dit verhindert in de jaren die volgen elke redelijke communicatie met anders denkenden. Dezen worden keer op keer weggezet als 'gelovigen', als leden van een sekte rondom de heilige Vermaning. Het is een professor die hierin het voortouw neemt.
Een andere professor lijkt alle
fatsoens- normen vergeten te zijn en pleegt karaktermoord op overledenen, door ze op te voeren als de leiders van een groot complot tegen de gevestigde wetenschap, waarvan hij en Vermaning beiden slachtoffer zijn. De professor lijkt zijn eerdere beschuldigingen aan het adres van Vermaning te willen omzetten in een omhelzing en gaat zo naast hem staan op het eerder door hemzelf opgerichte schavot voor de, ook door hemzelf beroemd gemaakte amateurarcheoloog. In deze visie zijn beiden opeens martelaren geworden. Het op deze manier sussen van het geweten zou alarmbellen moeten doen rinkelen binnen de gelederen van de paleo-wetenschap. Dat is echter niet het geval. Men komt met een spectaculaire ontdekking op de proppen, Neanderthalkampementen nabij Assen-Noord (Balloo). Dat moet Vermaning doen vergeten, de professor uit de wind zetten en de Paleo-vitrine in het in 2011 te heropenen Nieuwe Drents Museum opvullen. Deze presentatie gaat tevens gelijktijdig gepaard met een ongekende openbare uithaal naar de valsheid van de Vermaning-vuistbijlen.
De valsverklaringen gaan vergezeld van hevige emotionele persoonlijke uiteenzettingen van hoe aardig en gastvrij het gezin Vermaning wel niet was en dat men in het begin de echtheid zou gaan bewijzen, en hoe jammer men het nu voor hem vindt dat ze helaas de valsheid hebben moeten concluderen. Men struikelt bijna over de herhaalde verontschuldi-gingen, want 'Vermaning was echt aardig' Dit gedrag past niet bij onderzoekers die een bedrieger ontmaskerd hebben. Het lijkt voorgekauwd voer voor psychologen.
Dit alles past wel bij wat de methode Waterbolk genoemd kan worden, werken met 'niet geijkte archeologische argumenten'. Daarmee werden de in situ vuistbijlen van Vermaning vals verklaard, en daarmee worden de vondsten van Assen-Noord ingedeeld als een kampement ter plaatse, ook al ontbreekt dat in situ. De vindplaats wordt zonder schroom omschreven als een van de belangrijkste van West-Europa. In het Drentse tijdschrift 'Waardeel' en in Het Dagblad van het Noorden van 21 dec. wordt de vondstgroep door diverse wetenschappers nog net op de valreep van 2011, vlak voor de kerstdagen, nog even aan de mensen in 'de geest van welbehagen' meegegeven. Er wordt verhaald van tachtig artefacten, daarmee is het 'de grootste Neanderthalvindplaats ten noorden van de grote rivieren'. We lezen ook: 'Kamp bevat meer schatten', waaronder 'gebrekkig gemaakte kinderartefacten'. Opgraven is ons devies.
Het is een mooi gebaar, zo vlak voor de feestdagen nog even de Neanderthaler van Assen uitnodigen voor een plekje onder de kerstboom. Hij komt met tachtig artefacten, maar belooft nog veel meer schatten, nu nog verborgen in het ‘kamp’. De APAN was gast tijdens de open persdag op 15 nov. van het Nieuwe Drents Museum. We kwamen speciaal voor wat omschreven wordt als ‘bijzondere pleisterplaats uit de prehistorie’. We hadden een eigen vitrine verwacht voor deze vondstgroep, die tot de belangrijkste van Noordwest-Europa wordt gerekend. Het enige wat er van getuigt is een wand met wat glanzende vuistbijlen, waarvan zeven, deels kapot, van Assen-Noord (Balloo). Van alle
zeven vuistbijlen kunnen uitvergrotingen bekeken worden. In volgorde van nummering in de vitrine kunnen ze aangeklikt worden, of klik foto's rechts.

Vuistbijl 8
Vuistbijl 9
uistbijl 10
Vuistbijl 11
Vuistbijl 12
Vuistbijl 13
Vuistbijl 14 met ijzeraugiet samen met Eemster-spisschaaf EE-72-56 met ijzeraugiet. Bewijzen van autheticiteit.

We misten de rest van de tachtig, zoals de afslagen, klingen, schaven, boren, kernen en de gebrekkig gemaakte kinderartefacten. Wij weten een ander kampement, nog intact, bij Eemster. Daar vond Vermaning volgens dezelfde wetenschap ook gebrekkig gemaakte vuistbijlen, en juist daarom waren ze vals. Deze categorie is bij Assen nu opeens kinderwerk. Dat is nieuwe kennis en schijnt nu een belangrijke ontdekking te zijn.

'PLANTEN VAN DE VERVALSTE ARTEFACTEN WAS ECHT GEEN PROBLEEM'
Het team 'Valsheid in gesteente' wordt gepresenteerd als een hechte groep gelijkgestemden die het volkomen met elkaar eens zijn over de valsheid van de Vermaningvondsten. Dit wordt o.a. door De Vries verklaard in een interview met een journalist van radio Fryslân.

Twee leden van het team hebben we om opheldering gevraagd over een nieuw valsheidkenmerk, namelijk dat van het ontbreken van ijzer in de stenen van Hoogersmilde. Dit zou aangetoond zijn door detailfoto's van Hans de Kruijk en Jan Timmner van TNO. De eerste noemt zich vuursteenkenner en de laatse noemt zich mineralendeskundige. Aan beiden zijn foto's opgestuurd van een spitsschaaf van Eemster met op het oppervlak ijzerverbindingen, o.a. met ijzeraugieten. De Kruijk onderzocht voor de APAN in 2009 o.m. de genoemde ijzerafzetting op artefacten van Eemster, ook zgn. augieten die mogelijk al uit het Eemien stammen. Ze zouden de authenticiteit bevestigen. Het lijkt er op dat De Kruijk dit belangrijke gegeven vergeten is, of ingeruild heeft voor een negatief oordeel, met welke bedoelingen daar kan alleen maar naar geraden worden. Kan het zucht naar roem zijn? De kranten staan nu al bol van de berichten over hun nog niet verschenen boek 'Valsheid in gesteente'. Van de APANsessie met De Kruik volgen foto's.

Overal zoekt het team publiciteit voor hun boek 'Valsheid in gesteente'. In kranten en op diverse websites is er over geschreven en zijn foto's van de omslag getoond, o.a. op de websites van Het IJstijden Museum Buitenpost en van de Drents Prehistorische Vereniging. Heel merkwaardig is dat op de website @rcheofurum, waarvan twee teamleden eigenaren en redactieleden zijn, geen enkele beschrijving staat van het boek, de titel wordt zelfs nergens genoemd! Op 13 december werd toegevoegd: 'Het boek over de omstreden Vermaning-vuistbijlen is nog niet eens uit; toch al aardig wat publictiet'. Dan volgen links naar een Volkskrantartikel, een Dagblad van het Noorden-artikel en naar een documentaire van Omrop Fryslân. Dat is alles.
Webmaster: Klaas Geertsma
KLIK VOOR HET NIEUWE ARTIKEL OVER JADEIETBIJLEN
Links naar alle artikelen en bijdragen op ApanArcheo, inclusief PDF-artikelen.

Over de APAN

Uitleg bij het APAN-vignet

APAN/EXTERN

Eemster, de vindplaats

APAN-onderzoeken

Tjerk Vermaning

Rapport Roebroeks- Eemster revisited

Artefacten her-determinatie

Collectie Sigrid Wolff

Collectie Groot Obbink

Collectie Limburgs Museum

Collectie Albert Siebring


Harry Huisman de stenenman

Abrasie in museum Les Eysies

Neanderthaler in Fryslân

Moustérien in Europa

De bipoplair-techniek

48 Vuistbijlen uit de Noordzee

Pijl&Boog van Hardinxveld

Neanderthaler in Drenthe

Jadeitbijlen in Neolithicum

De paardenjagers-godin

Hyaliet is een afzetting

Schuilenburg Midden Paleo 1
Schuilenburg Midden Paleo 2
Schuilenburg Midden Paleo 3
Schuilenburg Midden Paleo 4
Schuilenburg Midden Paleo 5

West Runton 1.800.000 BP

Mammoet van Wezuperbrug

Film

Stenenzoeken in het post-Vermaning-tijdperk

Foto's van Noordelijk vers-MP

Micoquin - Leek 1
Micoquin - Leek 2
Micoquin - Leek 3

Drie Wâldgroepschaven

Schuilenburg snavelboor

Gieten MP-snavelboor

Gieten MP-holschaaf

MP-vuistbijl van Joldelund

Grootste MP-schaaf Friesland

Bipolair MP Friesland

PDF-artikelen

Van Hyaliet tot vers
Wilhelminaoord lezing GJ van Noort

Wat gebeurde er nou echt met de Neanderthalers?

APAN/EXTERN 11- Eemster waarheid in situ

Neolithisch depot van Ravenswoud

Brabantse Broddels 1

Archeobrief - APANbetoog

Brabantse Broddels 2

Open brief aan prof dr Louwe Kooijmans

Brabantse Broddels 3

Het Leiden-glaciaal in Nederland

MP-merkwaardigheden

Collectie Sigrid Wolff

Spitsschaaf Bemmel

Standvoetbekerbijltje Leek

De migratie van jagers/verzamelaars van
de Hamburgcultuur in de Noord-Europese
laagvlakte (13.000 - 11.000 BP)


Een rendierjagersvindplaats van de Ahrens-burgcultuur in de Zuidelijke Noordzee
Inclusief: Een sjamanentrommel uit 1737 als verklarend “woordenboek” voor 11.000 jaar oude tekens?

Ahrensburgtekens in het Laat Mesolithicum

IJstijdkunst en de Maanmythe

Spaubeek; van rolsteen tot slijpsteen. Onderzoek
van een oudpaleolithisch vondstcomplex


Gekerstende oude heilige plaatsen

Brabantse Broddels 4

De Leemdijkbijl. De bewogen geschiedenis van een Drentse vuistbijl'. Door A. M. Wouters.

Engelstalige PDFs

Over Jadeietbijlen in het Neolithicum
The big search for 'Green' started 5000 BC. The beginning of a new Era

Over het hoe en wat van de Neanderthalers
The effects of metabolic changes in pleistocene
hominids


Boekbesprekingen

Over het boek Scherpe stenen op mijn pad
De zwanenzang van professor H.T. Waterbolk:
een compositie in dissonanten

Over het boek Op zoek naar de Kelten. Nieuwe archeologische
ontdekkingen tussen Noordzee en Rijn

Op zoek naar de Kelten. Een boekbespreking

Over een spannend archeo-boek
Het Peruvium Project







Voor een foutloze weergave open ApanArcheo in Internet Explorer of Google Chrome


"Meneer van der Waals had mij al gevraagd, meneer Vermaning wat wilt U ermee. Ik had hem gezegd, dat ik ze dolgraag wilde houden, ik was er gelukkig mee, ik wilde ze niet kwijt.......Hij zegt, ja maar het hoort bij elkaar. Ik zeg, daar kan ik niks aan doen, jullie nemen maar genoegen met wat er uit de grond is gekomen".

Dit gesprek moet in 1965, tijdens of vlak na de opgraving plaats hebben gevonden. Het is begrijpelijk dat dr. Van der Waals de artefacten, die door het diepploegen aan de oppervlakte waren gekomen en die door Vermaning waren opgeraapt, probeerde te verwerven. Hij wilde de vondstgroep als geheel kunnen bestuderen en er ten alle tijde over kunnen beschikken. Hoe hij dat voor elkaar kreeg werd duidelijk toen hij een paar dagen later weer bij Vermaning op het schip terug was. Hij had de snelste methode gevonden om alles in bezit te krijgen, zonder nog moeilijk te hoeven onderhandelen met iemand die niets wilde afstaan. Vermaning daar over:

"Hij zegt, meneer Vermaning, ik moet wel even ernstig met U spreken..Hij zegt, of U het nou goed vindt of niet, maar de vondsten zijn tot schatvondst verklaard".

Het gevolg was dat Vermaning zijn vondsten aan de Staat moest overdragen. Prof. Waterbolk en dr. Van der Waals hadden prof. Schwabedissen uit Duitsland verzocht om er een waarde aan toe te kennen. De waarde werd fl 14.000. Dit geldbedrag heeft hij gekregen en verplicht gedeeld met de eigenaar van de grond, boer Vos.

Kan iemand mij uitleggen wat een man drijft om zelf gemaakte vuistbijlen, plus nog wat andere artefacten zoals schaven, schrabbers en messen, op twee plekken in de bouwvoor van een pas diepgeploegde akker in de buurt van Hoogersmilde te stoppen? 

Kan iemand mij uitleggen wat deze man daarna bezielt door direct naar huis te snellen en vol vuur zijn vrouw gaat vertellen dat hij een Neanderthalkampement heeft ontdekt?

Kan iemand mij uitleggen wat deze man en er toe aanzet om met latjes gemaakt van een sinaasappelkistje op de akker precies de plekken te gaan aanduiden waar hij de vuistbijlen en de andere artefacten in de bouwvoor heeft aangetroffen, ermee een verspreidingspatroon vormend?

Kan iemand mij uitleggen wat dit echtpaar doet besluiten om deze vondstgroep te gaan melden bij de officieel aangestelde archeoloog op het Drents Museum?

Kan iemand mij uitleggen waarom ditzelfde echtpaar na het avondbezoek van een deskundige ’s nachts samen de wacht houdt op de vindplaats, dit omdat de deskundige had vastgesteld dat het inderdaad om Neanderthalvondsten ging en nadat hij aangekondigd had de volgende dag terug te komen met meerdere specialisten, om op de akker de situatie te gaan bekijken?

Kan iemand mij uitleggen waarom deze man en vrouw hun gevonden deel, bestaande uit ca. 30 artefacten, niet wilden verkopen? 

Kan iemand mij uitleggen hoe het mogelijk is geweest dat er tijdens de opgraving in 1965, die 42 in situ vondsten opleverde, nog tot op een diepte van 80cm onder de bouwvoor artefacten werden aangetroffen?

Tussen 1965 en 1975 kon niemand op deze vragen een antwoord geven, omdat in die tussentijd niet bekend was dat de vondsten vals waren. Toen dat in 1975 eindelijk bekend was wist iemand pas zeven jaren later uit te leggen hoe de man de valse vondsten zo diep de onverstoorde bodem in had kunnen duwen; hij had dat tijdens de opgraving gedaan, en wel ‘s nachts wanneer het regende. Gedurende veertien opeenvolgende nachten keerde hij telkens terug en vervalste zo de vindplaatsen A en B. Niemand had dat geraffineerde spel tijdens de opgraving en al die jaren daarna doorzien. Op één man na, in 1982 liet hij Drenthe weten dat het zo was gegaan. Het was de regen die de bodem week had gemaakt.

Dit is wat prof. Waterbolk in januari 1982 liet optekenen in een interview met hem, het werd afgedrukt in 'Maandblad Drenthe': 'als Hijken niet klopt, wat moeten we dan met de vondsten van Hoogersmilde daarvóór......En dat terwijl een paar stenen in situ (in natuurlijke laag) waren opgegraven. Ik zeg niet door wie, maar het moet 's avonds of 's nachts gebeurd zijn. Als je met zo'n op[graving bezig bent en je steekt het profiel af en iemand duwt er stenen in en het regent vervolegns dan zie je daar de volgende dag niks meer van. Tik zegt de schop.....Het bedrog omvatte niet alleen het maken, maar ook het plaatsten....Nee, nee, de geologen die er bij Smilde bij betrokken waren hebben dat toen niet gezien.....'

Kan iemand mij uitleggen waarom er nog mensen zijn die in deze onwetenschasppelijke uitleg blijven geloven en er zelfs bewijzen bij zijn gaan zoeken tot in 2011?

De opgraving van Hoogersmilde A/B duurde van 20 september tot 18 oktober 1965, onder perfecte weersomstandigheden. De opgravers spreken in al hun verslagen tot 1975 over een onverstoorde bodem. Het is daarom onverklaarbaar dat archeologisch Nederland de artefacten van deze site na 1975 als vervalsingen beschouwt. Prof. Waterbolk was in maart van dat jaar de eerste. Frans de Vries en z’n team voorlopig de laatsten?
KG

Hoogersmilde
Concentratie A Noordwestelijke helft van de rechthoek na de BAI-opgraving, gezien vanuit het ZO. Foto overgenomen uit Palaeohistoria XV - 1973

In 1982 beweert prof. Waterbolk dat iemand (Vermaning red.) er tijdens de opgraving artefaften in had gestopt. Dit zou 's nachts gebeurd zijn tijdens regenbuien. De bodem zou daardoor zacht zijn geworden. De opgravers merkten er de volgende dag niets van. Dit bedrog duurde meer dan veertien dagen. Prof. Waterbolk had nog regenbuitjes nodig, maar in dec. 2011 waren die niet meer nodig. Drs. Frans de Vries stelt: Of de grond nou droog of nat was: planten van de vervalste artefacten was echt geen probleem.
Uitspraak Drs. F. de Vries- dec 2011
Het bovenstaande verhaal 'De man die niet wilde verkopen' was een reactie op een verslag van Jan Kloosterman van de lezing 'Valsheid in gesteente' door drs. F. de Vries - 17 nov. IJstijden Museum Buitenpost. De Vries reageerde o.a. met de volgende opmerkingen:
SCHERP VERTICAAL PROFIEL - GEEN ENKELE REGEN-EROSIE -
HET WAS TIJDENS DE OPGRAVINGSPERIODE DAN OOK KURKDROOG WEER GEWEEST - Prof WATERBOLK WIST DAT!
NIET EERDER GETOONDE EEMSTERSTUKKEN
A: Ovale vuistbijl EE.72-7, met daarnaast de drie oppassende stukken B: EE.72-11
C: EE.72-10
D: E.82-A, gevonden in 1982

E: Biface EE.72-8, met convexe snijdende basis

F: Spitsschaaf EE.732=9,
met 'HansDe KruijkWindlak' op het oppervlak

Deze foto's zullen t.z.t. ook aan de file 'Eemster waarheid in situ' worden toegevoegd, samen met nog vele andere. Let op de roodbruine ijzerverbindingen op sommige artefacten.

Collectie: Pieter Dijkstra

Foto's: Klaas Geertsma

Keerzijde
Tjerk Vermaning, de man die nu al vanaf 1965 voorturend nieuws trekt, ook nog na zijn dood in 1987. Tot 1975 was dat nieuws altijd met lof over zijn vondsten van Hoogersmilde, Hijken en Eemster. Na 18 maart van dat jaar was alles opeens vals. Toen was er ook het probleem van de in situ van Hoogersmilde in 1965 en van Hijken in 1967. De eerste werd weg gewassen met niet bestaande regenbuitjes en de tweede kwam uit de zak van Vermaning tijdens zijn bezoek aan de opgraving van de site. Men beweerde gezien te hebben dat hij opeens een aantal artefacten uit het profiel trok die daar eerst niet waren, want niemand had die eerder zien zitten, die moest hij dus wel in z'n broekzak hebben gehad.
Dit wordt anno 2011 nog steeds zo verteld, o.a. op Radio Fryslân.
Klik hier voor een grotere versie van de bovenstaande foto
Klik hier voor een grotere versie van de bovenstaande foto
De citaten rechts komen uit het boek 'Tjerk Vermaning, steen des aanstoots'van
Ton Hulst, 1975.
Van der Waals had tijdens de opgraving van Hoogersmilde A/B in 1965 de archeologische supervisie. Hij was werkzaam op het BAI-Groningen. Hij schreef samen met prof. Waterbolk het artikel 'The Middle Palaeolithic Finds from Hogersmilde', dat in 1973 werd gepubliceerd in Palaeohistoria XV. Het vooronderzoek tot die publicatie ahd dus acht jaar geduurd. De vondstgroep was in die tijd aan dertien Europese deskundigen getoond. De kritieken waren lovend. In 1975 was alles plotseling vals. Tot 2008 was er geen nenaderthaler-kampement meer in Drenthe. In dec. van dat jaar werd Assen-Noord gepresenteerd. Tot dec. 2011 regent het vuistbijlen. Het is de belangrijkste vondstgroep in het Drents Museum en wordt zelfs een van de belangrijskste van Noordwest-Europa genoemd. De opstelling in het museum is daarnaar gerekend wel erg pover.
U bent op z’n minst eenzijdig geïnformeerd. Zo kent u blijkbaar niet de geheel andere lezing, namelijk die waarbij Tjerk Vermaning na het “ontdekken” van Hoogersmilde meteen om geld voor zijn vondsten vroeg. Zowel van der Waals als Waterbolk geven dat namelijk aan. Onderzoek ook die optie eens zou ik zeggen (in het Drents Archief). Dat geeft een heel ander beeld van de houding van Tjerk Vermaning en van het motief tot vervalsing.

Daar kan ik nog aan toevoegen dat de 'ongestoord' ligging van de Hoogersmilde-artefacten die tijdens de BAI-opgraving in 1965 werden aangetroffen natuurlijk geen argument voor echtheid is. Of de grond nou droog of nat was: planten van de vervalste artefacten was echt geen probleem.

De bewijskracht tegen het omstreden deel van de Vermaning-artefacten (Hoogersmilde, Hijken Eemster-Lheebroek, Ravenswoud e.d.) is inmiddels enorm: het zijn vervalsingen. Het feit dat u ook nu weer niet met steekhoudende argumenten komt, bevestigt eens te meer dat er geen enkel argument meer over is dat pleit voor de Vermaning-artefacten.

Frans de Vries
Onderstaande reactie van APANkant kon eerst niet worden geplaatst. Op de weblog van Kloosterman werd het keer op keer geblokkeerd. De bokkade is inmiddels opgeheven.
De gegevens over het plaatsen van latjes en het bewaken van de kuil bij regen en ontij, door het echtpaar Vermaning, komen uit een publicatie van Waterbolk en van der Waals (1967). Dat is niet verzonnen derhalve. Het is informatie uit de eerste hand, van de opgravers zelf. Wanneer Frans de Vries stelt dat Vermaning deze wetenschappers direct meteen om geld voor zijn vondsten vroeg, hij  wilde ze blijkbaar onmiddellijk verkopen, dan is het heel vreemd dat beide wetenschappers van deze vondstgroep een schatvondst maakten, dat was dan toch niet nodig geweest. Maar de schatvondstverklaring is wel een feit. Met de opmerking dat Vermaning vanaf het begin wilde verkopen, verspreidt De Vries niet meer dan een vaag gerucht. De schatvondststatus betekende dat de Staat, in dit geval de provincie Drenthe, tot aankoop moest overgaan. Er was nog nooit eerder in ons land een groep steentijdartefacten tot schatvondst verklaard en het is daarna ook nooit weer gebeurd! Er moet duidelijk een dringende reden voor zijn geweest en wat Vermaning er over heeft gezegd (boek Ton Hulst) lijkt de meest plausibele reden tot de besluitvorming hiertoe. Hij wilde niet verkopen, hij wilde ze behouden om ze te kunnen exposeren in zijn museumschip Palaeohistoria.

De belangrijkste vraag is hoe het mogelijk is om in ongestoorde grond artefacten te stoppen zonder dat dit opgemerkt wordt door de opgravers. Een ervaren opgraver (naam bij ons bekend) mailde ons daar het volgende over: ‘Je kunt geen artefacten in de grond stoppen zonder daarbij de grond te ‘beroeren’. Zodra de grond open is geweest, bijvoorbeeld om er iets in te stoppen, is het geroerde grond. Elke archeoloog kan in het vlak onmiddellijk zien of de grond geroerd of ongeroerd is. Je kunt de grond aanstampen wat je wilt…..het verschil tussen geroerde en ongeroerde grond blijft altijd zichtbaar. En valt onmiddellijk op’.

Dat een ‘ongestoorde’ ligging geen argument voor echtheid is, is dus een uitspraak van een archeoloog waarbij hele grote vraagtekens geplaatst moeten worden. Indien het waar zou zijn, dan zou het namelijk kunnen betekenen dat geen enkele opgraving uit heden en verleden nog vertrouwd kan worden, de leidinggevende archeologen niet, de opgravers niet en de bezoekers niet. En in het verlengde hiervan: hoe zit het nu met de opgraving van de archeoloog Frans de Vries zelf, die hij, hoe bestaat het, uitvoerde op de akker direct grenzend aan de Hoogersmilde-akker van Vermaning (Nieuwe Drentse Volksalmanak 2008)? Het groepje meso-artefacten, vnl. bestaande uit afslagen, dat hij daar aantrof, volgens zijn zeggen in ‘ongestoorde’ grond, kan nu blijkbaar ook gewantrouwd worden, zeker nu hij zelf heeft laten weten dat planten van vervalste artefacten echt geen probleem is. Het planten van echte artefacten moet dan met evenveel gemak gaan. Naar de reden kunnen we, indien het zo zou zijn, dan alleen maar raden.

Woorden uitgesproken tijdens een lezing, of het nu een try-out was of niet, zijn van weinig belang. We wachten liever op het boek van Frans de Vries. We zijn daar heel benieuwd naar. Maar realiseert De Vries zich wel, dat wanneer dat boek eenmaal uitgebracht is hij dan uiteraard geen wijzigingen meer kan aanbrengen? Dan ligt alles vast. Dat is de reden dat we niet op zijn lezing aanwezig waren. Op dat moment wachten we, als zijn boek gaat spreken.

Klaas Geertsma en Govert van Noort

Laat De Vries even aangeven waar te vinden is dat Vermaning meteen om geld vroeg.
Laat De Vries even aantonen dat het planten van vervalste artefacten echt geen probleem is.
EEN VREEMDE INGEZONDEN REACTIE VAN HET TEAM 'VALSHEID IN GESTEENTE'

Het team 'Valsheid in gesteente' bestaat uit:

Drs Frans de Vries
Deze man kan tijdens een opgraving (laten we aannemen van meerdere weken) vervalste artefacten zodanig in de bodem plaatsen dat bij afschaven niemand dit bedrog opvalt. Of de bodem droog of nat is maakt geen verschil.

Henk Paas
Amteurarcheoloog uit Assen. Mede ontdekker van Balloo. Hij is een goede vuursteensmid en kan daarom prima artefacten slaan, ook bi-polair en vast ook wel vuistbijlen.

Hans de Kruijk
Deze man kan windlak namaken met een zandstraalmachine. Vreemd is dat het resultaat totaal niet lijkt op windlak zoals die aanwezig is op 'echte' midden paleolithen van het Drents keileemplateau.

Drs Marcel Niekus
Deze man beweerde op Steentijdforum dat er tijdens een opgraving een windkanter van vuursteen was aangetroffen (de enige in zijn soort). Het voorwerp kon hij echter even niet traceren.

Drs Lammert Postma
Deze man kan de glans op de 'valse' MP-artefacten van Vermaning namaken door stenen te poetsen met een borstel gedrenkt in water met leem. Vreemd is wel dat in 1975 op de stenen van Vermaning totaal geen glans voorkwam, dat was
nl een van de belangrijkste valsheidkenmerken.


Drs Marten Postma

Jan Timmner (TNO)

Dit team zou volgens De Vries als één man achter de conclusie staan dat Hoogersmilde, Hijken en Eemster uit vervalsingen bestaat, dat Vermaning ze gemaakt zou hebben, maar met hulp van handlangers die beschikten over een auto om de honderden kilo's vuursteen aan te voeren.

Maar is dat wel zo, deelt iedereen die conclusie? We hebben contact gezocht met enkele leden van het team, eentje antwoordde: 'Mijn bijdrage aan het onderzoek is uitsluitend van ondersteunend technische aard (de SEM) en niet van inhoudelijke aard'.

Al vanaf december 2008 was de vindplaast Assen-Noord (Balloo) in het nieuws. Bij elk volgend nieuw bericht steeg de belangrijkheid. Er werd naar een climax toegewerkt, nodig voor 17 november 2011, de dag dat het Nieuwe Drents Museum voor het publiek open werd gesteld. Het enige wat nu nog rest is een opgraving, dat is een must, want alleen daarmee kan de grote belangrijk-heid worden aangetoond. In 2012 is er absoluut een in situ nodig om van de Neanderthaler in Drenthe een werkelijkheid te maken, wordt dat niet aangetoond, dan was het gewoon een 'idéfix'. Klik hier voor meer info, of klik op de cartoon. KG
WERKELIJKHEID
OF IDÉFIX?
KLIK TEKENING VOOR MEER INFO
In december 2008 werden drie vuistbijlen van Assen-Noord getoond in het toen nog niet verbouwde Drents Museum. Vuistbijl nr. 10 in de huidige opstelling maakte er al deel vanuit. De twee anderen zijn stilletjes af gesreveerd en dat is maar goed ook. Zie hier en hier waarom.
Klik foto's voor vergrotingen
en meer info
vuistbijl 8
vuistbijl 9
vuistbijl 10
vuistbijl 11
vuistbijl 12
vuistbijl 13
vuistbijl 14 met augiet en Eemsterspits
de vuistbijlen van Drenthe
De vondsten van Assen-Noord (Balloo) worden omschreven als de enige en grootste vondstgroep van de Neanderthaler ten noorden van de grote rivieren. Tevens wordt herhaaldelijk gesteld dat de vindplaats een van de belangrijskte van Noordwest-Europa is. In het Dagblad van het Noorden van 21 dec 2011 is een kop boven een artikel veelzeggend: 'Kamp bevat meer schatten'. En met die constatering wordt de kern van de zaak geraakt; waarom is Assen-Noord niet tot schatvondst verklaard? De wetenschappelijke waarde wordt hoog ingeschat, hoe zit het dan met de geldelijke waarde van deze stukken? Die moet, gelet op de zeldzaamheid, het belang voor de Europese archeologie en de kwaliteit van de artefacten enorm zijn. Hoogersmilde werd in 1965 op fl 14.000,-- ingeschat, dat is wat de provincie Drenthe ervoor heeft betaald. Betaald voor vervalsingen van een erbarmelijk slechte kwaliteit weten we nu. Nee, dan Assen-Noord, dat is andere koek. Aan vuistbijlen alleen al twaalf stuks, die zullen tezamen toch wel een waarde vertegenwoordigen van
€ 24.000. De tentoonstelling ervan is een grote trekpleister voor het Drents Museum, ook dat kan meegerekend worden, dus misschien is de waarde nog aan de te lage kant ingeschat. De rest van de vondstgroep bestaat uit nog zo'n zeventig andere artefacten. In totaal is de waarde mogelijk wel
€ 60.000. Het kan best meer zijn, misschien wel het dubbele, want niet berekend zijn de manuren op de akker. Dat moeten er honderden zijn, aangezien er meerdere keren werd gezocht met groepen mensen, bestaande uit soms wel zestien personen. De eigenaar van de grond moest maar eens aan de bel gaan trekken, hij heeft bij schatvondstverklaring recht op de helft van de waarde. KG.
WAAROM IS ASSEN-NOORD (BALLOO)NIET TOT SCHATVONDST VERKLAARD?

NIEUWS VAN DE STEENTIJDDAG LEIDEN 4 FEBRUARI 2012

De midden-paleolithische opgraving Balloo

Bij gelegenheid van de Steentijddag in Leiden op 4 februari 2012 presenteerde Marcel Niekus de voorlopige resultaten van de opgraving in Balloo, uitgevoerd door het Groninger Instituut voor Archeologie. Hierbij werd 60 m2 opgegraven
en dat leverde 85 artefacten op, waaronder 15 vuistbijltjes.
In situ werden o.a. gevonden: een kling, het topje van een vuistbijl en twee aan elkaar passende stukken, maar ook klein materiaal in de vorm van afslagen. Later werden nóg twee stukken gevonden die aan dezelfde kern pasten en ook een kling van helleflint. Een uitgebreide zeefcampagne in de omgeving van de opgravingsput leverde nog veel meer vondsten op, waardoor het totaal aan artefacten resulteerde
in 425 stuks. Daaronder bevonden zich meer dan 30 vuistbijlen.
De in situ vondsten kwamen uit een geologische formatie,
waar verweerde keileem aanwezig was en waar kryoturbate verplooingen zich aftekenden. De profielen werden bemonsterd; de vondsten lagen in het keizand.
Bij de presentatie werden negen van de vuistbijlen en een halffabricaat getoond, een (fragment van een) schaaf, een Levallois-afslag van kwartsiet en de refits. Er is ook een vuistbijl met passende afslag aangetroffen. Niekus plaatste de vondsten in het MTA met een datering tussen 50.000 en 100.000 jaar.
De opgraving maakte een uitstekende professionele indruk en de resultaten er van zijn een gelukwens waard.
De inleider, die de site afficheerde als “De eerste MP-vindplaats in situ in Noord-Nederland” noemde het een emotioneel project. Aan het einde van zijn betoog werd hij dan ook door emoties overmand.

A. van der Lee

 

DE MAN DIE NIET WILDE VERKOPEN

DE OPMAAT NAAR DE GROTESKE OPVOERING VAN DE NEANDETHALER VAN BALLOO


DE MAN DIE NIET WILDE VERKOPEN - een eindejaarsvertelling

©2008 APAN